Reactie provincie op verdere uitwerking stikstofplannen

Gepubliceerd op

De Kabinetsbrief van 3 november maakt duidelijker hoe het Rijk de aanpak rond Natura 2000-gebieden verder wil uitwerken. We begrijpen dat de voorstellen vragen en ook zorgen oproepen bij agrarische ondernemers en andere betrokkenen in het landelijk gebied. Tegelijkertijd zien we dat het kabinet op een aantal belangrijke punten meer ruimte biedt voor maatwerk. Daarnaast blijven ook strakke uniforme instructieregels gelden, die geen recht doen aan de noodzaak om maatwerk toe te passen in de gebieden rondom de Natura 2000-gebieden.

Die ruimte voor maatwerk is nodig, omdat elk natuurgebied eigen kenmerken heeft en daardoor ook een eigen aanpak nodig heeft met het oog op natuurherstel en het weer mogelijk maken van vergunningverlening. De komende weken bekijken we zorgvuldig wat de voorstellen voor Overijssel precies betekenen en welke gevolgen ze in de praktijk kunnen hebben.

Gedeputeerde Gert Harm ten Bolscher: "Op een aantal punten biedt het kabinet meer ruimte voor maatwerk. Dat is ook waar we als Overijssel al langer voor pleiten. Tegelijk staan in de brief ook stevige concept-instructieregels, waarbij we zorgen hebben over de haalbaarheid. Voor ons staat voorop dat maatregelen bijdragen aan daadwerkelijk natuurherstel en tegelijkertijd perspectief bieden aan agrarische ondernemers en vergunningverlening mogelijk maken. Daarbij moeten we breed kijken naar de factoren die de natuur onder druk zetten. Dat kan stikstof zijn, maar bijvoorbeeld ook water, verdroging, bodemkwaliteit en andere omstandigheden. Het is belangrijk dat maatregelen aansluiten bij wat in een gebied daadwerkelijk nodig is. Tegelijkertijd zie ik ook dat de stapeling van landelijke maatregelen voor alle agrarische ondernemers nog steeds enorme gevolgen heeft voor ondernemers en ondernemersgezinnen." 

Bij de zones rond Natura 2000-gebieden krijgen provincies in deze brief nadrukkelijk ruimte voor een gebiedseigen aanpak. Daarbij kan bijvoorbeeld worden gekozen voor een andere begrenzing of een andere combinatie van maatregelen, zolang het effect op natuurherstel en vergunningverlening voldoende is geborgd. Ook wordt samen met provincies bekeken rond welke gebieden zonering daadwerkelijk nodig is en proportioneel. Dat sluit aan bij wat Overijssel eerder bij het Rijk heeft ingebracht. Uiteindelijk moet alles echter wel passen binnen de strenge instructieregels die het rijk stelt richting de provincies. Daar zit wat ons betreft het grote dilemma. Maatregelen moeten niet verder gaan dan nodig is voor natuurherstel. Daarbij vinden we het belangrijk dat rekening wordt gehouden met de inzet en investeringen die agrarische ondernemers de afgelopen jaren al hebben gedaan.

Positief is wel dat het kabinet bij gebieden met een grote invloed vanuit het buitenland erkent dat dit niet tot een onevenredige opgave mag leiden. Het Rijk wil afspraken maken met buurlanden en hierover ook met de Europese Commissie in gesprek gaan. Dat is belangrijk omdat in veel Overijsselse natuurgebieden een groot deel van de stikstofdepositie afkomstig is uit Duitsland. Ook het voornemen om de rekenkundige ondergrens per 1 juli 2027 in te voeren, als aan de voorwaarden is voldaan, zien we als een positieve ontwikkeling. Een juridisch houdbare rekenkundige ondergrens kan helpen om vergunningverlening weer op gang te brengen. Daar geldt echter wel bij dat daarvoor ook een goed pakket aan maatregelen wordt genomen om te voorkomen dat de rekenkundige ondergrens later juridisch onderuitgaat, zoals dat ook in 2019 gebeurde. Hierdoor kwamen de PAS-melders in de problemen.

De komende tijd gaan we de voorstellen verder analyseren en toetsen op effecten en uitvoerbaarheid. Ook blijven we hierover in gesprek met het Rijk, de partners en ondernemers in de gebieden. Voor ons blijft het doel dat natuurherstel daadwerkelijk dichterbij komt en daarmee ook weer perspectief ontstaat op juridisch houdbare vergunningverlening.

Dit is onze eerste reactie op de brief. De komende periode volgt een nadere inhoudelijke duiding van wat de voorstellen concreet voor Overijssel betekenen.