Stikstof: 3 x 3 aanpak

Gepubliceerd op 9 augustus 2022

De afgelopen weken worden gekenmerkt door grote onzekerheid, radeloosheid en veel vragen die leven op veel agrarische erven. De provincie Overijssel kiest in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) ervoor om te werken aan stikstofreductie en natuurherstel, maar wel op andere wijze dan minister Van der Wal dit op 10 juni 2022 presenteerde. Draagvlak, de leefbaarheid op het platteland en perspectief voor (agrarisch) ondernemers zijn voor Overijssel essentieel en staan centraal in onze eigen ‘3x3 aanpak’. In haar brief van 15 juli 2022 bevestigt de minister dat de provincies ruimte krijgen om maatwerk te leveren middels een eigen aanpak voor vermindering van de stikstofemissie.

De provincie Overijssel stelt heel duidelijk dat het met haar eigen aanpak een andere weg inslaat dan de stikstofkaart met de genoemde percentages die minister Van der Wal op 10 juni 2022 presenteerde. Over de gehele provincie gerekend komen we op een vergelijkbare stikstofreductie, maar reductiepercentages van 70 tot 95 procent zijn onhaalbaar en onrealistisch. Door in deze gebieden minder te reduceren en in gebieden verder van Natura2000-gebieden wat meer te reduceren, komen we gemiddeld tot een vergelijkbare stikstofreductie over de gehele provincie gezien. Dat is onze ‘3x3 aanpak’.

3 doelen centraal

Binnen onze Overijsselse aanpak kennen we 3 doelen. Bij het uitwerken van de definitieve plannen toetsen we of ze een goede bijdrage leveren aan de realisatie van deze doelen:

  1. Het versterken van onze natuur zoals beschreven staat in de wet (bij stikstof gaat het dan 50% emissiereductie in 2035, hierdoor moet dan 74% van de hectares in de N2000-gebieden onder de kritische depositiewaarde (kdw) liggen).
  2. Het behouden en waar mogelijk versterken van de leefbaarheid op het platteland.
  3. Een duurzaam perspectief bieden voor de agrarische sector.

Voor Overijssel is het versterken van onze natuur heel belangrijk, maar de leefbaarheid op het platteland is dat net zo. Een kaalslag op het platteland is voor Overijssel onacceptabel. Dus is het behoud van sociale netwerken, voorzieningen en werkgelegenheid een belangrijke pijler in de plannen die we samen met de betrokkenen in gebieden gaan uitwerken.

Perspectief voor (agrarisch) ondernemers is ook essentieel voor ons. Het is bekend dat boeren wel degelijk willen veranderen, willen innoveren en willen toewerken naar een duurzame en natuurinclusieve landbouw. We moeten hen daarvoor wel garanties voor de lange termijn kunnen bieden. Zodat zij weten dat investeringen terugverdiend kunnen worden en hun boterham voor een periode van pakweg 20 jaar verzekerd is.

We werken binnen 3 randvoorwaarden

We hanteren 3 belangrijke randvoorwaarden voor onze aanpak:

  1. Alle sectoren moeten even veel meedoen in de realisatie van de doelen en opgaven.
  2. De uiteindelijke uitwerking op gebiedsniveau van de plannen doen we in samenspraak met inwoners, ondernemers en betrokken organisaties uit de gebieden.
  3. Alle opgaven (stikstof, water en klimaat) die in de gebieden liggen pakken we in één keer op. Zodat onze inwoners en ondernemers niet steeds weer in onzekerheid leven en worden gedwongen te veranderen. De minister heeft recent alleen de stikstofdoelen gepubliceerd voor de agrarische sector. De andere doelen voor water en klimaat en de stikstofdoelen voor de niet agrarische sectoren worden in de herfst gepresenteerd.

Maatwerk voor 3 categorieën boeren

Boeren horen bij Overijssel en Overijssel zonder boeren kunnen we ons niet voorstellen. We willen dan ook maatwerk bieden aan de 3 categorieën boeren:

  1. Voor boeren die bijvoorbeeld geen opvolger hebben en willen stoppen, moet een goede regeling voor bedrijfsbeëindiging komen. Met bijvoorbeeld een passende fiscale regeling, de mogelijkheid om op eigen erf te blijven wonen en geen beroepsverbod.
  2. Met boeren die door willen op hun huidige plek gaan we kijken welke aanpassingen nodig zijn in hun bedrijfsvoering die passend en realistisch zijn in de omgeving. Dat kan extensivering zijn, innovatie of bijvoorbeeld een stuk natuurbeheer tegen een marktconforme vergoeding.
  3. Boeren die graag door willen boeren op grotendeels de gangbare manier waarmee zij vertrouwd zijn moeten de mogelijkheid krijgen om elders door te boeren waar de omliggende natuur en omgeving minder kwetsbaar is. Daar kunnen ze aan de slag en de doelen kunnen ze realiseren middels managementmaatregelen (vakmanschap) en inzet van bewezen technische/innovatieve maatregelen. Bedrijfsverplaatsing is een ingrijpend en vaak emotioneel proces, waar we zorgvuldig mee om willen gaan.

Hoe ziet het vervolgtraject er uit?

We hebben Overijssel binnen het PPLG in 6 gebieden ingedeeld. Daar werken we nu samen met boeren, natuurorganisaties, andere ondernemers, gemeenten, waterschappen enz. aan plannen voor het gebied om aan de doelen te voldoen. Elke gebied maakt een eigen plan, passend bij de omgeving en lokale situatie. Het zijn nog geen gedetailleerde plannen, maar meer grofmazige. Deze plannen bieden we als provincie Overijssel volgend jaar zomer aan de minister. De plannen bestaan uit een aanbod voor realisatie van de doelen en maar ook wat de kosten ervan zijn en welke zaken nog meer nodig zijn.

Dit is het moment waarop het Rijk de benodigde financiële middelen beschikbaar moet stellen, maar ook maatwerk moet faciliteren. We willen bindende afspraken kunnen maken over perspectief en ruimte bieden voor nieuwe verdienmogelijkheden. Na goedkeuring van de minister gaan we in elk gebied fijnmaziger aan de slag. We hebben dan een plan passend bij het gebied en de benodigde middelen. We gaan toewerken naar kleinere gebieden, zeg maar 500 tot 5000 hectare groot en gaan met de ondernemers in het gebied verkennen hoe we op basis van wat er in het gebied speelt tot een goed plan kunnen komen. Daarvoor voeren we individuele gesprekken op erven en aan keukentafels, maar ook gezamenlijke overleggen met betrokkenen. Zo brengen we in het gebied de individuele plannen en wensen bij elkaar om te komen tot een breder plaatje.

Met de stoppende boeren, de boeren die open staan voor verplaatsing en blijvers kunnen we dan de puzzel leggen. Gedeputeerde Staten van de provincie Overijssel zijn ervan overtuigd dat we zo goede plannen krijgen met draagvlak en betrokkenheid en maatwerk kunnen bieden. Waarbij we dan ook als randvoorwaarde hanteren dat iedere sector naar rato bijdraagt aan de realisatie van de doelen. Centraal staat dat we de plannen toetsen aan onze drie doelen: verbetering van de natuur, behoud van de leefbaarheid op het platteland en duurzaam perspectief voor de agrarische sector.