De Huneborg

Gepubliceerd op 1 september 2014

Uitsnede uit de Hottingerkaart ca. 1796, de burcht met voorburcht. Het noorden is links.

Burcht van de Hunen

Dominee Johan Picardt heeft in 1660 met zijn ‘Korte beschryvinge van eenige vergetene en verborgene antiquiteiten' het eerste Nederlandse archeologisch boek geschreven. Ook een vindplaats uit Overijssel wordt genoemd: De Huneborg, de 'burcht van de Hunen', het mythische reuzenvolk dat ook de hunebedden zou hebben gebouwd. Picardt omschreef De Huneborg als een ‘volledig verwilderde Heerensael'. De huneborg ligt ten noorden van het Kanaal Almelo-Nordhorn nabij Denekamp en Tilligte.

Vroegste middeleeuwse vestigingen

Deel van de omgrachting van De Huneborg. De foto is genomen in 1999.De Huneborg is een versterkte ringwalburcht uit de 12de eeuw. Ringwalburchten waren de vroegste middeleeuwse vestigingen. Een walburcht is een ronde omwalde en omgrachte vluchtheuvel, waarin de bewoners toevlucht konden zoeken in tijden van gevaar, zoals tijdens de rooftochten van de Noormannen. De burcht was niet bedoeld om in te wonen, maar in geval van nood kon de bevolking met het vee binnen de wal vluchten. De Huneborg was in het bezit van de bisschop van het Sticht (Utrecht). Hij wilde in het Oversticht de buitenstedelijke gebieden controleren. Door de bouw van burchten hoopte hij waarschijnlijk het hoofd te kunnen bieden tegen adellijke roofriddergeslachten die het gemunt hadden op het oosten van Twente. De Huneborg is rond 1100 gebouwd en uiteindelijk verlaten rond 1225. De hoofdburcht (de hoge Huneborg) heeft een ovale vorm en een grootte van ongeveer 135 bij 95 meter. Op het binnenterrein stond een hoofdgebouw, opgebouwd uit Bentheimer zandsteen en enkele houten gebouwen. Noordwestelijk van de hoofdburcht lag de voorburcht (de lage Huneborg), die rond 1900 door ontginningen grotendeels is verdwenen.

Ruitersporen gevonden op De Huneborg, waarschijnlijk tijdens de opgraving van Holwerda in 1916.

Vondsten

De hoofdburcht is in 1916 onderzocht door de Leidse archeoloog Holwerda. In 1979 en 1980 zijn in de voorburcht ongeveer 20 aardewerkscherven uit de 12de eeuw gevonden. In 1994 is in het kader van het opschonen van de grachten een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het onderzoek leverde een houten dam op, die door middel van jaarringonderzoek gedateerd is in de periode 1149-1161.
In totaal is aan materiaal niet zoveel gevonden: tientallen aardewerkscherven van kogelpotten en het typische middeleeuwse ‘Pingsdorf' aardewerk, slijpstenen en enkele metalen voorwerpen, waaronder een zwaard.

Opgravingstekening uit 1994 van de toenmalige ROB.