Hetderde Overijssels Feit van 2012 gaat in op de ontwikkeling van de arbeidsplatsen en vestigingen in 2011 in Overijssel .
In 2011 is het aantal arbeidsplaatsen in Overijssel met 1,3% toegenomen ten opzicht van 2010. Deze toename heeft zich in het bijzonder voorgedaan in de stedelijke gebieden en in het COROP-gebied Twente.
Ten opzichte van 2010 is het aantal arbeidsplaatsen met 1,3% toegenomen. In 2010 was er nog sprake van een daling van 1,4%. De groeicijfers van de jaren 2006 tot en met 2008 waren aanmerkelijk hoger. De groei van 2011 is weliswaar bescheiden, maar toch opvallend gezien de huidige economische situatie. Zoals het er nu naar uitziet zal de groei in 2012 waarschijnlijk lager zijn.
Ook het aantal vestigingen is groter geworden
In het Bedrijven- en Instellingen Register Overijssel (BIRO) staan in 2011 in totaal ruim 73.000 vestigingen geregistreerd. In figuur 1 in rechterkolom is de ontwikkeling van zowel de werkgelegenheid als die van het aantal vestigingen weergegeven. Daarbij valt op dat de ontwikkeling van het aantal vestigingen een enorme vlucht heeft genomen. Dat heeft twee oorzaken. De eerste is dat sinds eind 2009 alle bedrijven wettelijk verplicht zijn zich te laten inschrijven bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Dit handelsregister (Nationaal HandelsRegister (NHR)) vormt een van de basisregisters in Nederland. De tweede oorzaak is de stormachtige ontwikkeling van het aantal ZZP'ers.
Bij meer dan de helft van het aantal geregistreerde bedrijven werken niet meer dan 2 personen in het bedrijf. Ruim 80% van de bedrijven heeft dan ook niet meer dan 5 arbeidsplaatsen. Echter gemeten naar werkgelegenheid liggen de verhoudingen precies andersom: het zijn de bedrijven met 5 arbeidsplaatsen en meer die zorg dragen voor 80% van de werkgelegenheid.
Positieve ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen voor de communicatiesector maar achteruitgang binnen de landbouw
In figuur 2 in de rechterkolom is de procentuele groei/afname van het aantal arbeidsplaatsen voor de perioden 2009-2010 en 2010-2011 in beeld is gebracht. Voor een aantal bedrijfstakken is er sprake van een omslag. Daarvan is de bedrijfstak vervoer en communicatie een goed voorbeeld. Binnen deze sector is het de bedrijfstak informatie en communicatie die met 12% de grootste banengroei heeft. Ook is - zij het wat minder prominent in beeld - de positieve ontwikkeling van de nijverheid opvallend.
Binnen de sector overige dienstverlening zijn de ontwikkelingen zeker niet negatief te noemen, dat geldt in het bijzonder voor de gezondheidzorg. De overheid zelf verandert niet of nauwelijks meer en kent een lichte daling.
De advies- en onderzoekbranche binnen de zakelijke dienstverlening kent een positief verloop. Het tegenovergestelde geldt voor de financiële instellingen, maar dat is in de lijn van de verwachtingen.
De groot- en detailhandel heeft in de periode 2010 - 2011 een goede ontwikkeling doorgemaakt.
Tot slot de landbouw: de recente ontwikkeling laat een verdere afname van het aantal arbeidsplaatsen in die sector zien.
Om de bovenstaande ontwikkeling in een juist perspectief te plaatsen, zijn in figuur 3 in rechter kolom de aandelen van de diverse bedrijfstakken in de totale werkgelegenheid in volgorde van grootte op een rij gezet. De groot- en detailhandel vormt in Overijssel de grootste sector, gevolgd door de gezondheidzorg en de nijverheid.
Toename werkgelegenheid in de stedelijke gebieden en in Twente
Niet overal vinden dezelfde ontwikkelingen plaats. Het verloop van het aantal arbeidsplaatsen en de invloed van de (inter)nationale economie is van veel factoren afhankelijk zoals de grootte van een gemeente, de ligging, de functie van een gemeente binnen een regio en de arbeidsmarkt en zeker niet in de laatste plaats de structuur van de werkgelegenheid. Op de kaart in rechterkolom is de ontwikkeling van de werkgelegenheid weergegeven, de omvang van de werkgelegenheid en de structuur daarvan.
In de meeste gemeenten is de groei bescheiden. Van de grote steden is het opvallend dat Zwolle en Hengelo wat achterblijven bij Enschede, Almelo en Deventer. De grootste groeiers zijn Rijssen-Holten en Oldenzaal. De gemeenten Olst-Wijhe, Hellendoorn, Tubbergen en Dinkelland kennen allen een afname van de werkgelegenheid van meer dan 1,5%. Voor Hardenberg en Zwartewaterland is dat verlies wat minder.
Ook voor de regio's zijn er uiteraard verschillen. Voor de verstedelijkingsgebieden is de werkgelegenheid met 1,8% toegenomen en in de plattelandsgemeenten is dat met 0,5% aanmerkelijk lager. Ook tussen de COROP-gebieden zijn er (opmerkelijke) verschillen: Noord-Overijssel 0,9%, Zuidwest-Overijssel 1,3% en Twente 1,6%
Grote bedrijven komen vooral in de stedelijke gebieden voor
Omdat alle bedrijven en instellingen zijn voorzien van adresgegevens is het mogelijk de spreiding van de bedrijven nader te bestuderen. Op kaart 2 in rechterkolom is de ruimtelijke spreiding van de ruim 750 bedrijven met meer dan 100 werknemers weergegeven. Duidelijk wordt dat deze bedrijven vooral in de grotere kernen en steden te vinden zijn. De echt grote bedrijven komen alleen in de grote steden voor.
De provincie geeft in haar hoofdlijnen akkoord 2011-2015 aan een bijdrage te willen leveren aan duurzame werkgelegenheid en regionaal inkomen door het ontwikkelen van een gunstig vestigingklimaat voor de economische ontwikkeling van de bedrijven en instellingen in Overijssel. Daarbij moeten wij niet alleen denken aan het creëren van goede werklocaties, maar ook aan de herstructurering van bedrijventerreinen.
Meer informatie? Mail naar beleidsinformatie@overijssel.nl.