Bodemsanering: wie doet wat?

Gepubliceerd op 23 november 2020

De taken van de provincie binnen het stedelijk gebied zijn anders bij rechtstreekse dan bij niet-rechtstreekse gemeenten.

Rechtstreekse gemeenten

De rechtstreekse gemeenten in Overijssel zijn Almelo, Deventer, Enschede, Hengelo en Zwolle. Deze gemeenten zijn zelf bevoegd gezag voor de Wet bodembescherming. De rechtstreekse gemeenten ontvangen hun budget om bodemsaneringen uit te voeren rechtstreeks van het Rijk. Omgevingsdienst IJsselland voert taken van het bevoegd gezag uit voor gemeente Zwolle en Deventer en de Omgevingsdienst Twente voor de gemeente Almelo. Het gaat om taken als het beschikken op ernst en spoedeisendheid van verontreinigde locaties, saneringsplannen en evaluaties en het beheren en geven van bodeminformatie.

Niet rechtstreekse gemeenten

Alle andere gemeenten zijn niet-rechtstreekse gemeenten. Provincie Overijssel is hier bevoegd gezag voor de Wet bodembescherming, en is verantwoordelijk voor de beschikbare bodemsaneringsbudgetten. Ook zegt de provincie tegen eigenaren die verantwoordelijk zijn voor verontreinigde locaties dat zij de verontreiniging moeten aanpakken. Dit doen we op grond van de Wet bodembescherming.

Aan de hand van de Wet bodembescherming beslist de provincie over ernst en spoedeisendheid van verontreinigde locaties, over saneringsplannen en –evaluaties en beheert en geeft de provincie bodeminformatie. Omgevingsdiensten IJsselland en Twente voeren deze taken uit voor de provincie.

Risicogebieden

De provincie is zelf verantwoordelijk voor locaties waar mensen risico lopen. Wel spreken we de verantwoordelijke van een locatie aan op het risico. Niet-rechtstreekse gemeenten kunnen subsidie aanvragen voor andere spoedlocaties en voor locaties die niet voldoen aan bodemkwaliteitsklasse Wonen. Op deze locaties moet dan wel stedelijke vernieuwing gepland zijn.

Spoedlocaties

Voor de spoedlocaties waar geen stedelijke vernieuwing gepland is, pakt de provincie de verontreiniging aan. Ook hierbij geldt dat de provincie er eerst voor zorgt dat verantwoordelijke partijen verontreinigingen in de bodem saneren.