Minister van Engelshoven onder de indruk van Overijsselse cultuursector

Gepubliceerd op 1 oktober 2020

Minister Ingrid van Engelshoven bezocht maandag 22 juni de regio’s Twente en Deventer/Zwolle. Ze wilde uit eerste hand horen welke impact COVID-19 en de bijbehorende maatregelen hebben op Overijsselse culturele instellingen en creatieve makers. De culturele sector deelde in Twente in de creatieve broedplaats Technopolis en in Deventer in het Burgerweeshuis graag de ervaringen en verwachtingen.

Gedeputeerde Roy de Witte: “Het was heel goed dat we ons verhaal konden doen. Om toe te lichten welke impact de coronamaatregelen hebben; niet alleen op onze financiële, maar juist ook op onze maatschappelijke positie. Het is goed om af en toen naar Den Haag te gaan met een boodschap, maar soms moet je Den Haag ook naar Overijssel halen.”

Twente verbindt kunst, technologie en innovatie

In deze regio staan inventiviteit en nieuwe makers centraal. Creatieve technologie draagt bij aan maatschappelijke en duurzame transities. Deze nieuwe makers, veelal jonge talenten, maken zich in dit coronatijdperk zorgen over hun financiële en artistieke toekomst. Ze tonen zeker ondernemerschap door hun publiek op andere (digitale) manieren te bereiken. Immers; podia waarop kunstenaars en gezelschappen zichtbaar zijn, worstelen met de 1,5 meter eis en dreigen om te vallen wegens dalend bezoek en omzet.

Roy de Witte: “We worstelen echt met die anderhalve meter. We zijn bereid om hiermee te experimenteren. Laat Overijssel de proeftuin zijn. Hier hebben we ruimte om te pionieren. En de durf. En het vertrouwen in elkaar!”

Experiment en vernieuwing vinden vaak hun oorsprong op festivals en poppodia. Beter gezegd; in het hele ecosysteem dat zich daarachter bevindt. De balans in dit systeem staat onder druk vanwege COVID-19-maatregelen. Rijksbeleid, in de vorm van ondersteuning BIS en vitale regionale cultuur, is daarom idealiter onderdeel van een veel grotere dynamiek. Oog voor de hele keten is essentieel voor het voortbestaan. Zonder basis geen top, zonder top geen basis. In Overijssel zien we daarvan goede voorbeelden bij de grote festivals, podia en musea. Zij zien hun toegezegde steun vanuit het Rijk als een grote verantwoordelijkheid en verbinden zich met kleinere collega-instellingen. Deze versterkte interactie en samenwerking zijn veelbelovend voor de toekomst van de culturele sector.

De minister roemde de grote bereidheid tot samenwerking in Overijssel

Ze roept op om de verbinding tussen kleine en grote podia verder te versterken en makers kansen te blijven bieden. Daarnaast neemt ze het indringende appel om ruimte om regionaal te programmeren mee naar Den Haag. “Daarmee ga ik aan de slag!”

Minister Ingrid van Engelshoven: “Ik ben onder de indruk van de cultuursector in Overijssel. De gesprekken waren zeer interessant. Talentontwikkeling, cultuureducatie, festivals, musea en een onderwerp als vernieuwing kwamen aan bod. Popartiesten en nieuwe talenten deelden hun worstelingen.

Zo ging het in de gesprekken om de wens om weer voor publiek op te kunnen treden en weer schoolklassen te kunnen ontvangen in musea. 'Stap voor stap bekijken we hoe we dat op termijn op een veilige manier mogelijk kunnen maken. Ik heb respect voor de veerkracht van de makers in deze moeilijke tijd. Vol ideeën en energie ga ik naar huis.'

In zowel Enschede als Deventer waren dertig vertegenwoordigers van culturele instellingen en enkele cultuurwethouders aanwezig om het gesprek aan te gaan met de minister.