Overijssel streeft naar voldoende woningen voor jong en oud en stimuleert de kwalitatieve en kwantitatieve woningbouw. Dit met aandacht voor de kwaliteit van de leefomgeving.
Bloeiende steden en vitale dorpen moeten woonruimte bieden voor iedereen in Overijssel. Daar wil de provincie Overijssel op sturen, in samenwerking met haar partners, zoals gemeenten, corporaties, marktpartijen, maar ook onderwijsinstellingen en de bewoners zelf.
De veranderende woningmarkt vraagt om een andere sturing en rol van de provincie. Regionale samenwerking en kennisdelen staan daarin centraal, evenals de invloed van de (toekomstige) bewoners. Hoe de provincie dat wil bereiken staat in het programma (T)huis in Overijssel.
De nieuwe sturing kent drie samenhangende pijlers:
Zo wordt gaandeweg de omslag gemaakt naar regionale samenwerking. Dat betekent dat de Prestatieafspraken Wonen vanaf 2015 in dat teken staan. De Prestatieafspraken Wonen hebben een sterke relatie met de gemeentelijke woonvisies en vinden hun basis in de Omgevingsvisie Overijssel O2.
De mogelijkheden voor een eigen huis voor starters op de woningmarkt moeten worden vergroot. Dat is bovendien goed voor de doorstroming op de woningmarkt. Daarom is er voor de komende periode weer een nieuw provinciaal startersfonds. Verder wordt de invloed van bewoners op hun (toekomstige) woning versterkt door subsidies voor Collectief Particulier Opdrachtgeverschap.
Daarnaast is er aandacht voor doelgroepen zoals ouderen, de huisvesting van statushouders, en voor mensen uit bijzondere doelgroepen die moeite ervaren om in hun eigen huisvesting te voorzien.
.