23 September 2010 heeft dé Kennis-dag van Overijssel plaats gevonden. In Enschede maakten ambtenaren, wethouders, raadsleden en leden van provinciale staten kennis met elkaar op het gebied van ruimtelijke ordening. We blikken terug op een succesvolle bijeenkomst.
23 September 2010 heeft dé Kennis-dag van Overijssel plaats gevonden. In Enschede maakten ambtenaren, wethouders, raadsleden en leden van provinciale staten kennis met elkaar op het gebied van ruimtelijke ordening. We blikken terug op een succesvolle bijeenkomst. De terugblik op de workshops lees je op deze pagina.
"Volgens mij ben ik net gesourced! vertelt één van de deelnemers (of van de `crowd', zo u wil) enthousiast. Net als de andere 130 collega's van de lokale overheid in Overijssel is hij na de introductie van verschillende sprekers wel toe aan een vertrouwd kopje-koffie-oude-stijl. Even bijkomen van de 'nieuwe stijl' die door de verschillende sprekers zo treffend naar voren is gebracht. De opmaat van de kennisdag 'Maak kennis met ruimtelijk Overijssel' die op 23 september jl. in de Universiteit Twente is gehouden, opent een enthousiaste discussie over 'ruimte 2.0'.
Zelfs in de ogen van dagvoorzitter Aize Bouma, die toch heel wat bijeenkomsten meemaakt, is een twinkeling te ontdekken als hij zegt: "Dit is echt heel leuk".
Voor een deel komt dat door de gevarieerde 'crowd' van deze bijeenkomst. Naast raadsleden, statenleden, wethouders en ambtelijk specialisten zijn er ook ontwerpers en andere collega's uit de zakelijke dienstverlening. Het komt niet vaak voor dat de discussie (hoe komen we efficiënt tot ruimtelijke kwaliteit in onze omgeving) gevoerd kan worden met zo'n compleet gezelschap. Op een ludieke manier, via de zogenaamde Pokens, is gedurende de dag aan deze groep het belang van elkaar (leren) kennen duidelijk gemaakt.
Voor een ander deel ligt dat aan de vorm van de verschillende inleidingen, of specifiek het contrast tussen 'oud' en 'nieuw'. Boeiende verhalen van gedeputeerde Theo Rietkerk, Douwe Prinsse (voorzitter platform ruimtelijk domein) en Gerard Elferink (leider Atelier Overijssel) die doormiddel van de al-lang-niet-meer-nieuwe-powerpointpresentatie en vanachter een katheder het publiek weten te boeien, worden afgewisseld met een spervuur aan 'nieuw 2.0' dat via You-tube, Prezi en andere digitale platformen door Kim Spinder op het publiek wordt afgeschoten. Uiteraard ondersteund door de complete serie van gadgets in de categorie 'fruit'.
Maar voor het grootste deel lag dat aan de inhoud en het besef dat in de combinatie van deze twee werelden de sleutel ligt om te komen tot resultaten. De oproep van gedeputeerde Rietkerk aan de Overijsselse partners om in te zetten op samenwerking, visie en kennis delen landt in de zaal. "‘Voorkantsturing is geen modeverschijnsel , maar het sleutelbegrip om ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid in ons landelijke gebied te borgen", aldus Douwe Prinsse. Deze boodschap om samenwerking vooral aan de voorkant te organiseren en met elkaar kennis te blijven delen wordt herkend door deelnemers uit de zaal. Daarbij sluit Gerard Elferink zich aan. Het AtelierOverijssel zal dan ook de komende anderhalf jaar inzetten op de gemeentelijke praktijk en het voorzien in voldoende kennis en handvaten om ruimtelijke kwaliteit te realiseren. De voorbeelden van digitale media die Kim Spinder aandraagt voor het opstellen van beleid, het creëren van draagvlak of het efficiënter werken sluiten aan bij de uitdaging om nieuwe regels en beleid ook snel een efficiënt te kunnen implementeren. Als voorbeeld van waartoe het koppelen van samenwerking, visie en kennisdeling kan leiden overhandigt Theo Rietkerk het Werkboek Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving aan Douwe Prinsse. Het boek is door gemeenten en provincie aan de hand van een aantal kennissessies gezamenlijk geschreven. Diezelfde gemeenten zijn nu aan zet om het werkboek aan te vullen met goede praktijkvoorbeelden. Een provinciale subsidie is beschikbaar als laatste steuntje in de rug om de ruimtelijke kwaliteit te borgen.
Het is haast onmogelijk als alleenstaande overheidsorganisatie het tempo waarin ruimtelijke uitdagingen en (digitale) kansen zich aandienen te volgen. Door gebruik te blijven maken van elkaars kennis en die kennis op een slimme manier te ontsluiten kunnen we onze rol naar burgers en bedrijven waarmaken. De waarde van netwerken wordt bepaald door de energie en kwaliteit van de leden die onderdeel uitmaken van dat netwerk. We zijn in Overijssel goed op weg, maar het is essentieel elkaar te blijven ontmoeten, ons te laten inspireren en vooral samen leren door samen te doen.