Overijssel trekt weer inwoners aan, vooral in landelijk gebied

Gepubliceerd op 13 november 2017

Overijssel groeide in 2016 met ruim 3.400 inwoners, meer dan in de jaren van de economische crisis, maar minder dan verwacht. De provincie trok voor het eerst sinds 10 jaar ook weer meer inwoners aan uit de rest van Nederland dan dat er vertrokken. Het zijn vooral de landelijke gemeenten die meer inwoners vasthouden en aantrekken. Het stedelijke gebied van Overijssel (Enschede, Zwolle, Hengelo, Deventer, Almelo) ziet juist steeds meer vertrek. De sterke groei in het landelijke gebied gaat ten koste van de steden. Dit wordt verklaard door het herstel van de woningmarkt, de invoering van het sociale leenstelsel voor studenten en de spreiding van vluchtelingen met een verblijfsvergunning

Vooral sterke bevolkingsgroei in het landelijk gebied en in Noord-Overijssel

De bevolking van Overijssel groeide weer de afgelopen 2 jaar. In 2016 kwamen er meer dan 3.400 inwoners bij. Gedurende de economische crisis (2008-2013) zakte de jaarlijkse bevolkingsgroei naar een dieptepunt van nog geen 350 inwoners groei in 2013. Vanaf 2014 zien we die groei herstellen. Vooral in Noord-Overijssel en in het landelijke gebied groeide de bevolking de afgelopen 2 jaar hard. In Twente en het stedelijke gebied nam de groei ook iets toe, maar veel minder dan in de overige regio’s.

Figuur 1: Jaarlijkse bevolkingsgroei per regio* in Overijssel, 2005-2016 (aantallen)

Figuur 1: Jaarlijkse bevolkingsgroei per regio* in Overijssel, 2005-2016 (aantallen)

*Noord-Overijssel bestaat uit de gemeenten Dalfsen, Hardenberg Kampen, Ommen, Staphorst, Steenwijkerland, Zwartewaterland, Zwolle.
Zuidwest-Overijssel uit de gemeenten Deventer, Olst-Wijhe en Raalte.
Twente bestaat uit de gemeenten Almelo, Borne, Dinkelland, Enschede, Haaksbergen, Hellendoorn, Hengelo, Hof van Twente, Losser, Oldenzaal, Rijssen-Holten, Tubbergen, Twenterand, Wierden.

Bron: CBS

Bekijk hier de cijfers bij figuur 1 (pdf, 56 kB)

Herstel door veranderende verhuispatronen

Het herstel van de bevolkingsgroei is volledig te wijten aan veranderde verhuispatronen. De netto immigratie nam in 2015 en 2016 sterk toe, na een periode van daling. Het aantal immigranten was wel fors lager dan verwacht werd op basis van de laatste bevolkingsprognoses. De verwachting was dat er in 2016 een recordaantal van ruim 11.700 immigranten in Overijssel geregistreerd zouden worden, het waren er bijna 3.600 minder (CBS; IPB/Primos 2016).

Ook in de binnenlandse verhuizingen zijn de patronen veranderd. In de periode 2012-2014 was er veel vertrek uit de provincie. Er vertrokken jaarlijks ongeveer 2.000 inwoners meer uit Overijssel naar andere provincies dan andersom. Deze trend van vertrek uit de provincie naar andere provincies is tot een gestopt: in 2016 verhuisden meer mensen uit andere provincies naar Overijssel dan andersom; dat gebeurde in 2006 voor het laatst.

Drie oorzaken voor veranderde verhuispatronen

Vooral het aantal inwoners in het landelijk gebied in Overijssel groeit weer. Dit is tegengesteld aan de trendontwikkeling zoals die door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in veel toekomstvisies wordt gerapporteerd . In de rapportage ”Stad als magneet, roltrap en spons” van het PBL uit 2015 wordt bijvoorbeeld uitgegaan van een grotere groei van de steden. De verschuiving van de groei van de steden naar het landelijk gebied in de afgelopen 2 jaar heeft drie oorzaken:

  1. Sinds het einde van de economische crisis (2008-2013) is een inhaalslag te zien van jonge huishoudens die de stad willen verlaten maar tijdens de crisis hun woning in de stad niet verkocht kregen.
  2. Minder studenten gaan op kamers wonen in de grote steden en blijven ze vaker in het landelijk gebied wonen sinds de invoering van het sociale leenstelsel voor studenten in 2015 (CBS 2016).
  3. Een groot deel van de immigranten in 2015 en 2016 bestaat uit asielzoekers (CBS; geen exacte cijfers beschikbaar voor Overijssel). Diegenen die een verblijfsstatus krijgen worden gelijkmatig (naar rato van het aantal inwoners van een gemeente) verdeeld over het land, terwijl immigranten die om redenen van werk of studie naar Nederland komen zich meestal in de steden vestigen. Landelijke gemeenten kregen daardoor in 2016 een groter aandeel immigranten dan gewoonlijk.

Natuurlijke aanwas blijft dalen

De natuurlijke aanwas (het aantal geboorten minus het aantal sterfgevallen) daalt nog altijd en was in 2016 nog maar een derde van de natuurlijke aanwas in 2005. Het aantal geboorten nam in die periode met 16% af, het aantal sterfgevallen steeg met 8%. Dat komt doordat er steeds meer ouderen zijn en minder jongeren. Er zijn daardoor minder inwoners in de leeftijdsgroepen die kinderen kunnen krijgen, ook neemt het aantal kinderen per vrouw af.  Door het toenemend aantal ouderen neemt het aantal sterfgevallen toe.

Figuur 2: Bevolkingsgroei Overijssel door natuurlijke aanwas, binnenlandse verhuizingen en buitenlandse migratie, 2005-2016 (aantallen)

Figuur 2: Bevolkingsgroei Overijssel door natuurlijke aanwas, binnenlandse verhuizingen en buitenlandse migratie, 2005-2016 (aantallen)

Bron: CBS

Bekijk hier de cijfers bij figuur 2 (pdf, 59 kB)

In Twente meer sterfgevallen dan geboorten

In Twente was in 2016 voor het eerst sprake van een negatieve natuurlijke aanwas: er stierven meer inwoners dan er geboren werden. Uit Twente vertrokken ook meer inwoners naar andere regio’s dan zich er vestigden. Door het grote aantal immigranten groeide de bevolking in Twente in 2015 en 2016 wel weer, na 2 jaar van bevolkingskrimp in 2013 en 2014.

Figuur 3: Bevolkingsgroei per regio naar groeioorzaak, 2016 (aantallen)

Figuur 3: Bevolkingsgroei per regio naar groeioorzaak, 2016 (aantallen)

Bron: CBS

Bekijk hier de cijfers bij figuur 3 (pdf, 57 kB)

Asielzoekerscentra vertekenen het beeld

Dat Twente veel immigranten telt en ook veel vertrek naar andere regio’s in Nederland heeft, komt doordat hier een aantal opvangcentra voor asielzoekers gevestigd zijnIn 2016 waren de volgende opvanglocaties voor asielzoekers geopend in Overijsselse gemeenten: Reguliere opvang (diverse soorten opvanglocaties) in Almelo, Borne, Deventer, Hardenberg en Hengelo. Noodopvang was beschikbaar in Deventer, Enschede, Ommen en Steenwijkerland. Bij noodopvang is het onwaarschijnlijk dat asielzoekers worden bijgeschreven in de basisregistratie personen (BRP). Asielzoekers worden hierin ingeschreven als zij een verblijfsvergunning krijgen of als zij al langer dan 3 maanden in Nederland zijn. Vluchtelingen die een verblijfsvergunning krijgen worden hier als ‘immigrant’ geregistreerd. Op het moment dat zij gehuisvest worden in andere gemeenten en regio’s, telt dat als ‘binnenlands vertrek’. Dit vertekent het beeld. (Er zijn geen exacte cijfers beschikbaar over welke verhuizingen van vluchtelingen met een verblijfsstatus zijn).