Vergunningverlening

Gepubliceerd op 12 december 2019

VDe uitspraak van de Raad van State op 29 mei 2019 betekent dat vergunningen op grond van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) zijn vernietigd. Lopende vergunningaanvragen en vergunningen waartegen bezwaar is ingediend, kunnen niet langer worden gebaseerd op het PAS. Voor alle activiteiten die onder de vrijstelling zijn geregistreerd, zoals meldingen onder een grenswaarde en beweiden en bemesten, moet alsnog een toestemmingsbesluit worden verleend.

De uitspraak heeft geen gevolgen voor vergunningen die al onherroepelijk zijn en dus niet meer bij de rechter kunnen worden aangevochten.

GS stellen nieuwe beleidsregels vast

Op 10 december 2019 hebben Gedeputeerde Staten de nieuwe beleidsregels vastgesteld in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb). De beleidsregels maken de Wnb-vergunningverlening mogelijk voor alle sectoren. Nieuwe activiteiten zijn mogelijk door stikstofruimte vrij te maken op de eigen locatie (intern salderen) of door stikstofruimte over te nemen van een ander bedrijf dat (gedeeltelijk) stopt (extern salderen). Hierbij geldt de feitelijk gerealiseerde capaciteit als uitgangspunt. De beleidsregels zijn vanaf 13 december 2019 van kracht. Met het vaststellen van de beleidsregels dragen we bij aan het natuurherstel en maken we nieuwe activiteiten mogelijk, voor nu en in de toekomst.

Waarom nieuwe beleidsregels?

In oktober 2019 zijn de beleidsregels ook herzien. In Overijssel, maar ook in enkele andere provincies is de vergunningverlening toen opgeschort voor de landbouwsector, omdat er verschil in interpretatie was tussen het Rijk en de provincies. Wij vinden het van belang dat we als overheid één lijn hanteren voor alle sectoren, die juridisch houdbaar is. De herziene beleidsregels zijn eenduidig en geven meer duidelijkheid, omdat het Rijk en de provincies deze zorgvuldig hebben afgestemd.

Afstemming levert veel op voor Overijssel

Sinds medio oktober heeft provincie Overijssel veel gesproken met de agrarische sector, de bouwsector, overige industriële sectoren, overheden en natuurorganisaties, maar bijvoorbeeld ook met Provinciale Staten. Hun inbreng en de verschillende perspectieven hebben ons veel nuttige informatie opgeleverd. Het helpt ons bij het vormgeven van de gebiedsgerichte aanpak, maar we hebben bijvoorbeeld ook de input omgezet in specifieke casussen. Deze zijn ingebracht in het landelijke proces om ongewenste neveneffecten van de beleidsregels te voorkomen. Dit vindt zijn weerslag in de beleidsregels. Bovendien krijgen we van de sectoren veel waardering voor het proces en het meenemen van hun inbreng in diverse overleggen over de beleidsregels. Echt een win-win-situatie die we graag voortzetten in de komende periode.

Ruimte voor nieuwe activiteiten door salderen

De belangrijkste verschillen van de nieuwe beleidsregels ten opzichte van de set die in oktober 2019 zijn vastgesteld, zijn de eenduidigheid, de uitzonderingssituaties binnen intern salderen en meer duidelijkheid bij extern salderen. Gedeputeerde Staten hebben de beleidsregels vastgesteld in lijn met de landelijke afspraken:

  • Als er geen wijzigingen zijn, is het mogelijk om de Wnb-vergunning volledig te benutten.
  • Bij nieuwe of gewijzigde activiteiten moeten bedrijven mogelijk een natuurvergunning aanvragen. Een toename van stikstofdepositie kunnen zij teniet doen door intern of extern salderen.
  • De feitelijk gerealiseerde capaciteit is het uitgangspunt bij intern en extern salderen.
  • Bij intern salderen is het mogelijk om in sommige uitzonderingssituaties de volledig vergunde capaciteit te benutten.
  • Bij extern salderen geldt dat de saldo-ontvanger 70% mag benutten van de stikstofruimte die wordt overgenomen. De resterende 30% draagt bij aan de reductie van stikstofdepositie.
  • Bij extern salderen met een veehouderij met dier- en/of fosfaatrechten is het mogelijk om een vergunningaanvraag in te dienen. Het definitief toekennen van de vergunning is nog niet mogelijk. Dat kan pas als de mestwetgeving is gewijzigd. Dit vindt begin 2020 plaats (naar verwachting februari).
  • De vergunde capaciteit moet worden gerealiseerd binnen 3 jaar.

Ondernemers moeten aan de hand van deze beleidskaders, eventueel met behulp van hun adviseur, bepalen wat in hun situatie het beste is. De aanvraag mag in elk geval niet leiden tot een toename van stikstofneerslag of negatieve effecten op Natura 2000-gebieden. De rekentool AERIUS kan u helpen bij de onderbouwing en u kunt ook altijd uw adviseur vragen om uw aanvraag te beoordelen.

Verwerken van vergunningsaanvragen

Omdat vergunningverlening sinds de uitspraak van de Raad van State heeft stil gelegen, kan het verwerken van vergunningaanvragen langer duren dan gebruikelijk. We doen er alles aan om iedereen zo goed mogelijk te helpen maar vragen begrip als het langer duurt dan u van ons gewend bent.