Ontwerp klimaatakkoord gereed

Gepubliceerd op 27 februari 2019

In 2018 organiseerden de ministeries van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en Economische Zaken (EZ) klimaattafels. Aanleiding is het Klimaatakkoord van Parijs (2015). Inzet is om dit akkoord te vertalen naar concrete doelstellingen en maatregelen in Nederland. Een eerste tussendoel richting Parijs is om de broeikasgasemissies in Nederland met 49% te verminderen in 2030 ten opzichte van 1990. Wat is de stand van zaken en wat betekent de opgave voor Overijssel?

klimaatakkoord

De sectortafels hebben een ontwerp klimaatakkoord opgeleverd. De verwachting is dat komende zomer een definitief akkoord tot stand komt. Gedeputeerde Hester Maij en Gerrit Valkeman, strateeg van de provincie Overijssel, zijn namens IPO nauw betrokken bij de sectortafel Landbouw en Landgebruik. Deze sectortafel werkt maatregelen uit om de uitstoot van deze sector in totaal met 3,5 MTON aan CO2-uitstoot terug te dringen in de periode tot 2030 (dat is circa 6% van de totale opgave). De sectortafel kiest voor een ambitieuzer voorstel, namelijk van 5,9 tot 6,2 MTON.

Sectortafel landbouw en landgebruik

De andere klimaattafels zijn Elektriciteit, Gebouwde omgeving, Industrie en Mobiliteit. Bij deze sectortafels gaat het om het verminderen van C02-emissies als gevolg van energieverbruik en staat de verduurzaming van het energiegebruik centraal. Bij de sectortafel Landbouw en Landgebruik gaat het om andere broeikasgassen.

Het gaat om emissies van methaan uit koeienmagen en mestopslagen, lachgas dat vrijkomt bij het gebruik van mest en CO2-emissies als gevolg van de afbraak van organische stof in de bodem. Deze emissies dragen in Nederland voor circa 16% bij aan de totale broeikasgasemissies. In Overijssel – met minder stedelijk gebied en industrie en meer melkveehouderij dan gemiddeld in Nederland – is dit ca 30%.

Agrariërs hebben overigens niet alleen te maken met de opgaven en afspraken van de sectortafel landgebruik. Gerrit Valkeman: “De opgaven en maatregelen voor de opwekking van duurzame energie worden gemaakt aan de sectortafel Elektriciteit. Een agrariër die duurzame energie, zonne-energie of biogas opwekt, draagt hiermee bij aan opgaven van de sectortafel Elektriciteit. De vermindering van de uitstoot van uitlaatgassen van de trekkers, draagt bij aan de doelen uit de klimaattafel Mobiliteit. Dit laat zien dat de opgaven en ook de maatregelen van de diverse sectortafels verweven zijn en elkaar kunnen beïnvloeden. Daarom is het belangrijk om in het landelijk gebied van Overijssel te kiezen voor een integrale aanpak.”

Lange termijn opgave: balans tussen beperken uitstoot en vastleggen opslag CO2

Een ander belangrijk verschil tussen de sectortafel Landbouw en Landgebruik en de andere sectortafels is het lange termijn perspectief. Bij de andere tafels gaat het uiteindelijk om het helemaal terugbrengen van de CO2-emissies en het verduurzamen van het energiegebruik. “In Landbouw en Landgebruik staan natuurlijke processen centraal, waarbij broeikasgasemissies onvermijdbaar zijn. In deze sector gaat het ook om het terugbrengen van de emissies, maar ook om het vastleggen van CO2 door de landbouw in voedselproductie, landbouwbodems, veenweidegebieden en in bossen.” Uiteindelijk gaat het volgens Valkeman om het zorgen voor een balans tussen de onvermijdbare broeikasgasemissies en anderzijds de vastlegging in deze sector. Wat deze balans is en hoe deze er uitziet, weten we nog niet.

Vanuit dit perspectief is de inzet richting 2030:

  • een aantal ‘no regret’-maatregelen gericht op de vermindering van emissie
  • een aantal ‘no regret’-maatregelen gericht op verbeteren van de vastlegging van CO2 in de bodem, veenweiden en bossen
  • het uitwerken van een strategie voor de langere termijn voor deze sector en hierbij inzetten op innovatie.Circulaire landbouw en grondgebondenheid als uitgangspunten  Het Natura 2000-beleid kan soms tegenstrijdig zijn met de klimaatopgave. In het kader van Natura 2000 moet er soms een flink aantal hectare bos worden gekapt, terwijl er vanuit de klimaatopgave een opgave is om meer koolstof vast te leggen in bossen en bomen. Dit vraagt om een integrale aanpak voor het beheer van natuurgebieden waarin klimaatopgaven en biodiversiteitopgaven op elkaar zijn afgestemd. Het platform van Samen werkt beter geeft de mogelijkheid om met elkaar van gedachten te wisselen over deze ontwikkelingen met bijbehorende opgaven en vervolgstappen. Vanuit verschillende perspectieven willen we de kansen optimaal benutten. “Zorg vooral ook voor een goede afstemming met de energietransitie,” vult Hester Maij aan. “Die ontwikkelingen gaan momenteel erg snel en hebben grote gevolgen voor het landschap en ons landgebruik. Daarbij is goede afstemming over diverse belangen nodig. Het bijschakelen moet plaatsvinden op provinciaal en regionaal niveau, want bij de landelijke klimaattafels zijn de thema’s gescheiden.”

1 koe stoot 1,3 CO2 uit voor 1 liter melk

1 koe stoot 1,3 CO2 uit voor 1 liter melk

Dilemma met Natura 2000

Verder pleit de klimaattafel Landbouw en Landgebruik voor een krachtige regierol in de keten. De ‘Carbon foodprint’ levert nieuwe verdienmodellen op in de agrosector. We stimuleren ondernemers om te investeren en deel te nemen aan de transitie van de landbouw. Initiatieven, zoals Mineral Valley Twente, Vruchtbare Kringloop Overijssel dragen daar aan bij.

De partners van de sectortafel zetten niet in op een sectorale aanpak voor broeikasgassen in de landbouw. Zij willen de klimaatopgave aanpakken met een brede verduurzaming van de landbouw. Uitgangspunten zijn een circulaire landbouw en meer grondgebondenheid. “Dat levert volgens hen meer op dan een aanpak en regelgeving op stofjes-niveau,” legt Valkeman uit. “Belangrijke maatregelen in de melkveehouderij zijn rantsoenaanpassingen en anders gebruiken van de bodem en mest. Het scheiden van mest en een slimme mestverwerking levert een grote beperking van de CO2-uitstoot op. Een circulaire varkenshouderij kan de spil zijn in het verwerken van reststromen. We moeten onze klimaatambitie hierin goed inbedden.”